Driestromenland

Veel leren op een leuke school met duidelijke regels

Een schets van onze school
Driestromenland is gelegen in de Waterwijk. Alle straten hier dragen de naam van een groter of kleiner water op de Voorstraat na. In al dat water te midden van al die straten ligt land. Tweestromenland is het begin van de Bijbelse openbaring. In plaats van twee is gekozen voor Driestromenland.

 

Het getal drie staat voor:
1. De Bijbelse boodschap: geloof, hoop en liefde;
2. De kring van ouders, kinderen en leraren, die samen een leer? en werkgemeenschap vormen;
3. De ontwikkeling van hoofd, hart en handen, waarmee we een harmonische ontwikkeling van het kind beogen.

Driestromenland is een christelijke basisschool die openstaat voor iedereen die zich thuis voelt bij deze manier van leven en werken. De identiteit van onze school vindt zijn oorsprong in het geloof in God. Dit komt tot uiting in de omgang met elkaar, in de keuze van leermiddelen, de taal die gesproken wordt en de sfeer die heerst op school. We bieden ruimte aan ieder individu.
Er is respect voor ieders inbreng.

Driestromenland biedt kinderen een veilige en stimulerende omgeving. Hier kunnen zij zich ontplooien tot zelfstandige individuen die met respect voor de omgeving en hun medemens in het leven staan. Het team van Driestromenland is enthousiast en heeft een professionele houding. Werken aan kwaliteit staat hoog op de agenda. 

 

CITO Leerlingvolgsysteem
Wij volgen de CITO-toetskalender. We vinden het belangrijk zicht te houden op de ontwikkeling van elke individuele leerling daarom werken wij met een Leerling- en onderwijsvolgsysteem (LOVS).

 

Kwaliteit van het onderwijs.
Een eerste analyse van de Cito toetsuitslagen levert geen verrassingen op. Het beeld wat wij hadden op grond van observaties van leerlingen en methodegebonden toetsen blijkt te kloppen. We zien een grote diversiteit, er zijn leerlingen die heel hoog scoren en er zijn leerlingen die heel laag scoren. Ons onderwijs zal daarop afgesteld moeten blijven.
Aandachtspunten zijn:

  1.        klassenmanagement
  2.        zelfstandigheid van de leerlingen
  3.        instructie
  4.        materiaal / methodes
  5.        taal / lezen

1. Klassenmanagement.
Via een goede organisatie ontstaat rust en duidelijkheid. Dit is, naast zelfstandigheid, een voorwaarde om tot inhoudelijk handelen te komen. 

 

2. Zelfstandigheid van de leerlingen.
Allereerst is er de zelfstandigheid in gedrag bij zelfstandig werken. De leerling moet meer los komen van de leerkracht en gewenst gedrag kunnen van de leerkracht en gewenst gedrag kunnen tonen. Er zijn momenten waarop de leerling de leerkracht niet mag storen. Leerlingen weten dit door middel van het stoplicht.
De tweede component betreft zelfstandig plannen en het evalueren van de eigen activiteiten en producten. De leerling moet dagelijks ervaren dat hij greep heeft op zijn eigen functioneren en zijn directe omgeving. Dit wordt onder andere geoefend met behulp van het invullen van een agenda. In de school is een doorlopende lijn te zien.
De derde component is gericht op de zelfstandigheid in denken, het leren oplossen van problemen met betrekking tot de leerstof, de emotionele ontwikkeling en sociale vaardigheden. 

Wat moet ik doen  Hoe ga ik het doen  Ik doe mijn werk  Ik kijk mijn werk na.

 

3. Instructie.
Hierbij staat de vraag centraal “hoe geeft de leerkracht de juiste structuur aan het instructie geven?” Het is bekend dat kinderen bij het leren het meest profiteren van een gestructureerde aanpak. Tegelijkertijd echter willen we de kinderen niet geheel afhankelijk maken van de structuur die door anderen is aangebracht. Kinderen moeten leren zelfstandig problemen op te lossen. 

 

4. Materiaal / methodes.
In de kleutergroepen wordt gewerkt met Onderbouwd. Dit is een lesprogramma op het gebied van taal  en rekenen. In de groepen 4 t/m 8 wordt gewerkt met de methode Taal Actief deze methode is vorig schooljaar aangeschaft. Wereld in Getallen is onze rekenmethode

 

 5. Taal /lezen
Motto:
‘Zonder een goede lees- en schrijfvaardigheid zijn leerlingen niet instaat hun potentiële onderwijsmogelijkheden te benutten en worden hun maatschappelijke mogelijkheden ook begrensd’
Begrijpend lezen is het primaire doel voor alle leerlingen.
We onderscheiden drie belangrijke onderliggende vaardigheden voor begrijpend lezen, n.l.:

  •          vlot teksten kunnen lezen;
  •          het beschikken over een goede leeswoordenschat;
  •          het kunnen toepassen van leesstrategieën.

Vlot lezen
Een goede mondelinge taalvaardigheid, spraak/taalontwikkeling is van groot belang voor het leren lezen, onder andere omdat dit invloed heeft op zowel de woordenschat als op de ontwikkeling van fonologische vaardigheden. Het is voor alle leerlingen belangrijk dat zij in de kleutergroepen veel gelegenheid krijgen om hun mondelinge taalvaardigheid te oefenen. 

 

Woordenschat
Woordkennis is van groot belang voor het leren. Een lezer begrijpt niet wat hij leest als hij de betekenis van de meeste woorden niet kent. Een goede technische lezer kan een Italiaanse tekst gemakkelijk lezen, maar als hij geen Italiaans kent, begrijpt hij niet wat er staat.
Leesstrategieën
Begrijpend leesstrategieën toepassen
Een goede begrijpend lezer is zeer strategisch bezig als hij leest. Hij hanteert tijdens het lezen de volgende strategieën

  •          De tekst overzien.
  •          Selectief lezen.
  •          Samenvatten en ordenen van de informatie die hij later nodig denkt te hebben.
  •          Wat wij willen bereiken:
  •          Elke leerling heeft een goede basisvaardigheid voor lezen;
  •          Elke leerling voelt zich een competente lezer;
  •          Elke leerling beleeft plezier aan lezen.

Ondersteuning / zorg
Alle kinderen op Driestromenland hebben zorg nodig. Leerlingen verschillen in de mate waarin en de manier waarop ze zorg nodig hebben. Ter bevordering van de sociale cohesie in de groep en om het klassenmanagement uitvoerbaar te houden clusteren wij de individuele onderwijsbehoeften zoveel mogelijk en verwerken deze  in een groepsaanbod.
Met speciale leerlingenbegeleiding bedoelen we: gerichte, ondersteunende begeleiding van leerlingen, die blijk geven onvoldoende te profiteren van het onderwijs- leeraanbod, zoals dat door ons wordt gerealiseerd. Deze kinderen hebben vaak niet genoeg aan de gebruikelijke aanbieding en verwerking van de leerstof. Deze leerlingen vallen op door observaties, uitval bij methode gebonden toetsen of bij de Cito-toetsen
Extra hulp wordt onder schooltijd gegeven. De groepsleerkracht neemt een groepje van deze leerlingen voor specifieke behandeling van een leerstofonderdeel. Daarbij wordt gebruik gemaakt van werkbladen of hulpmateriaal uit de orthotheek. Deze vorm van begeleiden wordt besproken met de intern begeleider en/of in de teamvergadering. De hulp wordt zoveel mogelijk in de klas gegeven. Ouders / verzorgers worden bij de hulpverlening betrokken
Wij hebben een meerbegaafdenbeleid voor onze school opgesteld. Hierin staat omschreven welke kinderen wanneer in aanmerking komen voor extra werk of dat ze mogen meedoen in de Plusklas. Deze groep krijgt dus speciale aandacht. Komend jaar vervolgen we de projecten bij scholengemeenschappen voor leerlingen uit groep 8.